BesteFranchise
Beslisboek 3 min lezen

Winkels overige huishoudartikelen en winkels in doe-het-zelfartikelen in cijfers vergelijken

Wie twee mogelijke ondernemersrichtingen naast elkaar legt, krijgt snel twee onvergelijkbare voorbeelden. Hier staan winkels overige huishoudartikelen en winkels in doe-het-zelfartikelen naast elkaar op dezelfde Nederlandse peildatum. De eerste branche telde op 1 oktober 2026 ongeveer 5.015 bedrijven, de tweede 4.215. Ze delen een hoofdtak, maar hebben verschillende SBI-codes. Vergelijk eerst de verdeling van het werk en leg pas daarna je eigen voorkeur voor een verkoopdag ernaast. Je kunt dan gerichter aangeven welke werkdag, bezetting en aanspreekbaarheid je zoekt.

Leeg spiraalnotitieboek met pen op een leren stoel
Beslisboek Kelly Sikkema · Unsplash
Twee verwante bedrijfsmodellen · SBI 4759 en 4752
Werkzame personenWinkels overige huishoudartikelen (aantal)Winkels overige huishoudartikelen (%)Winkels in doe-het-zelfartikelen (aantal)Winkels in doe-het-zelfartikelen (%)
1 persoon2.78555,5%1.89044,8%
2 personen96519,2%78018,5%
3–4 personen64012,8%60514,4%
5–9 personen3807,6%54512,9%
10–19 personen1202,4%2656,3%
20–49 personen701,4%952,3%
50–99 personen250,5%150,4%
100+ personen250,5%250,6%

Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.

01

Kies een vergelijkbare eenheid voor twee verschillende aantallen

In winkels overige huishoudartikelen werkte bij 2.785 bedrijven één persoon. Bij winkels in doe-het-zelfartikelen zijn dat er 1.890. Omgerekend per honderd bedrijven verandert de vergelijking in 55,5 tegenover 44,8. Kijk vervolgens naar drie of vier werkzame personen. In de eerste branche ligt hun aandeel rond 12,8% en in de tweede rond 14,4%. De relatieve verdeling maakt een kleinere bedrijfstak vergelijkbaar, zonder hem in aantallen groter te laten lijken dan hij is. Gebruik in je aantekeningen zowel de aantallen als de percentages.

02

Heeft de keuze voor een peildatum veel invloed?

Een jaar eerder telde winkels overige huishoudartikelen 4.435 bedrijven en winkels in doe-het-zelfartikelen 3.895. De verandering in het totale aantal is respectievelijk +13,1% en +8,2%. Voor de categorie met vijf tot en met negen personen veranderden de groepen van 420 naar 380 en van 550 naar 545. Staar je daarom niet blind op het totaalcijfer als je juist een ploeg van die omvang zou willen aansturen. Vraag bij beide richtingen een concrete beschrijving van een drukke dag én van de nazorg voor een betaalde bestelling.

03

Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij winkels overige huishoudartikelen?

De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel bedrijven met vijf tot en met negen werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van winkels in antiek en tweedehands (1,4%), het hoogste voor winkels in doe-het-zelfartikelen (12,9%). Bij 3 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 7,6% en bij 2 hoger. Met 6,5% komt winkels in overige artikelen (rest) het meest in de buurt van winkels overige huishoudartikelen. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij bloemen-, dierenwinkels, tuincentra met 4.915 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is winkels in overige artikelen (rest) met 6,5% de nadere vergelijking.

04

Wat veranderde er tussen januari 2024 en januari 2025?

Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4759 tussen januari 2024 en januari 2025. De uitkomst ging van 8,8% naar 8,7%. Over één jaar is het verschil -0,1 procentpunt, of gemiddeld -0,1 procentpunt per jaar. Bij winkels in doe-het-zelfartikelen ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 14,4% naar 14,5%. De subgroep en het totaal bewogen tussen oktober 2025 en oktober 2026 in tegengestelde richting. In de subgroep gaat het om -40 en in de complete CBS-categorie om +580 bedrijven.

Kijk bij winkels overige huishoudartikelen naar een klant die tijdens het afleveren terugbelt en zet in je tweede gesprek juist een artikel dat retour komt centraal. In het eerste geval kan je eigen rol vooral uit inkopen, adviseren en overdragen bestaan. In het tweede breng je inkopen, adviseren en overdragen in kaart. Vraag bij winkels in overige artikelen (rest) naar een voorbeeld met vergelijkbare taakverdeling voordat je concludeert dat de twee ondernemersrichtingen eenzelfde werkweek vragen.

Vragen voor het vervolg

  • Welke onderdelen van een verkoopdag neem je persoonlijk voor je rekening?
  • Welk cijfer voor SBI 4759 zou je zelf opnieuw willen berekenen?
  • Welke waarneming bij winkels in doe-het-zelfartikelen is relevant voor jouw eigen plan?

Bronnen

BesteFranchise

Welke keuze verdient nader onderzoek?

Leg je vraag over winkels overige huishoudartikelen voor. Vermeld welke grootteklasse en welke werkdag je in gedachten hebt.