BesteFranchise
Beslisboek 3 min lezen

Winkels in voedingsmiddelen en markthandel in cijfers vergelijken

Wie twee mogelijke ondernemersrichtingen naast elkaar legt, krijgt snel twee onvergelijkbare voorbeelden. Hier staan winkels in voedingsmiddelen en markthandel naast elkaar op dezelfde Nederlandse peildatum. De eerste branche telde op 1 oktober 2026 ongeveer 10.665 bedrijven, de tweede 8.840. Ze delen een hoofdtak, maar hebben verschillende SBI-codes. Vergelijk eerst de verdeling van het werk en leg pas daarna je eigen voorkeur voor een verkoopdag ernaast. Je kunt dan gerichter aangeven welke werkdag, bezetting en aanspreekbaarheid je zoekt.

Het ritme van ramen op de hoek van een Rotterdams gebouw.
Beslisboek CHRSNDRSN · Unsplash
Twee verwante bedrijfsmodellen · SBI 472 en 478
Werkzame personenWinkels in voedingsmiddelen (aantal)Winkels in voedingsmiddelen (%)Markthandel (aantal)Markthandel (%)
1 persoon3.89036,5%6.24570,6%
2 personen2.27021,3%1.59518%
3–4 personen1.99518,7%6557,4%
5–9 personen1.75016,4%2703,1%
10–19 personen6155,8%650,7%
20–49 personen1251,2%150,2%
50–99 personen150,1%00%
100+ personen100,1%00%

Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.

01

Kies een vergelijkbare eenheid voor twee verschillende aantallen

In winkels in voedingsmiddelen werkte bij 3.890 bedrijven één persoon. Bij markthandel zijn dat er 6.245. Omgerekend per honderd bedrijven verandert de vergelijking in 36,5 tegenover 70,6. Kijk vervolgens naar drie of vier werkzame personen. In de eerste branche ligt hun aandeel rond 18,7% en in de tweede rond 7,4%. De relatieve verdeling maakt een kleinere bedrijfstak vergelijkbaar, zonder hem in aantallen groter te laten lijken dan hij is. Gebruik in je aantekeningen zowel de aantallen als de percentages.

02

Heeft de keuze voor een peildatum veel invloed?

Een jaar eerder telde winkels in voedingsmiddelen 10.135 bedrijven en markthandel 9.155. De verandering in het totale aantal is respectievelijk +5,2% en -3,4%. Voor de categorie met vijf tot en met negen personen veranderden de groepen van 1.765 naar 1.750 en van 285 naar 270. Staar je daarom niet blind op het totaalcijfer als je juist een ploeg van die omvang zou willen aansturen. Vraag bij beide richtingen een concrete beschrijving van een drukke dag én van de nazorg voor een betaalde bestelling.

03

Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij winkels in voedingsmiddelen?

De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel bedrijven met vijf tot en met negen werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van webwinkels in vrijetijdsartikelen (0,6%), het hoogste voor winkels in voedingsmiddelen (16,4%). Winkels in voedingsmiddelen ligt met 16,4% aan de bovenkant van deze vergelijking. De meest nabije uitkomst is 6,9% bij winkels in kleding. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij markthandel met 8.840 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is winkels in kleding met 6,9% de nadere vergelijking.

04

Wat veranderde er tussen januari 2020 en januari 2022?

Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 472 tussen januari 2020 en januari 2022. De uitkomst ging van 16,6% naar 17,3%. Over 2 jaar is het verschil +0,7 procentpunt, of gemiddeld +0,4 procentpunt per jaar. Bij markthandel ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 2,4% naar 2,6%. De subgroep en het totaal bewogen tussen oktober 2025 en oktober 2026 in tegengestelde richting. In de subgroep gaat het om -15 en in de complete CBS-categorie om +530 bedrijven.

Kijk bij winkels in voedingsmiddelen naar een klant die tijdens het afleveren terugbelt en zet in je tweede gesprek juist een artikel dat retour komt centraal. In het eerste geval kan je eigen rol vooral uit inkopen, adviseren en overdragen bestaan. In het tweede breng je inkopen, adviseren en overdragen in kaart. Vraag bij winkels in kleding naar een voorbeeld met vergelijkbare taakverdeling voordat je concludeert dat de twee ondernemersrichtingen eenzelfde werkweek vragen.

Vragen voor het vervolg

  • Welke onderdelen van een verkoopdag neem je persoonlijk voor je rekening?
  • Welk cijfer voor SBI 472 zou je zelf opnieuw willen berekenen?
  • Welke waarneming bij markthandel is relevant voor jouw eigen plan?

Bronnen

BesteFranchise

Welke keuze verdient nader onderzoek?

Leg je vraag over winkels in voedingsmiddelen voor. Vermeld welke grootteklasse en welke werkdag je in gedachten hebt.