BesteFranchise
Beslisboek 3 min lezen

Slijterijen en winkels in overige voeding (rest) in cijfers vergelijken

Wie twee mogelijke ondernemersrichtingen naast elkaar legt, krijgt snel twee onvergelijkbare voorbeelden. Hier staan slijterijen en winkels in overige voeding (rest) naast elkaar op dezelfde Nederlandse peildatum. De eerste branche telde op 1 oktober 2026 ongeveer 1.425 bedrijven, de tweede 1.320. Ze delen een hoofdtak, maar hebben verschillende SBI-codes. Vergelijk eerst de verdeling van het werk en leg pas daarna je eigen voorkeur voor een verkoopdag ernaast. Je kunt dan gerichter aangeven welke werkdag, bezetting en aanspreekbaarheid je zoekt.

Het ritme van ramen op de hoek van een Rotterdams gebouw.
Beslisboek CHRSNDRSN · Unsplash
Twee verwante bedrijfsmodellen · SBI 4725 en 47299
Werkzame personenSlijterijen (aantal)Slijterijen (%)Winkels in overige voeding (rest) (aantal)Winkels in overige voeding (rest) (%)
1 persoon77054%41531,4%
2 personen36525,6%20515,5%
3–4 personen20014%22016,7%
5–9 personen805,6%29022%
10–19 personen100,7%15511,7%
20–49 personen00%302,3%
50–99 personen00%50,4%
100+ personen00%50,4%

Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.

01

Kies een vergelijkbare eenheid voor twee verschillende aantallen

In slijterijen werkte bij 770 bedrijven één persoon. Bij winkels in overige voeding (rest) zijn dat er 415. Omgerekend per honderd bedrijven verandert de vergelijking in 54 tegenover 31,4. Kijk vervolgens naar drie of vier werkzame personen. In de eerste branche ligt hun aandeel rond 14% en in de tweede rond 16,7%. De relatieve verdeling maakt een kleinere bedrijfstak vergelijkbaar, zonder hem in aantallen groter te laten lijken dan hij is. Gebruik in je aantekeningen zowel de aantallen als de percentages.

02

Heeft de keuze voor een peildatum veel invloed?

Een jaar eerder telde slijterijen 1.225 bedrijven en winkels in overige voeding (rest) 1.430. De verandering in het totale aantal is respectievelijk +16,3% en -7,7%. Voor de categorie met vijf tot en met negen personen veranderden de groepen van 70 naar 80 en van 315 naar 290. Staar je daarom niet blind op het totaalcijfer als je juist een ploeg van die omvang zou willen aansturen. Vraag bij beide richtingen een concrete beschrijving van een drukke dag én van de nazorg voor een betaalde bestelling.

03

Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij slijterijen?

De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel bedrijven met vijf tot en met negen werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van slijterijen (5,6%), het hoogste voor slagerijen (27,5%). Van de 5 vergelijkingsbranches komt geen onder 5,6%. Zelfs winkels in tabaksproducten ligt met 10,6% op of boven het meetpunt voor slijterijen. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij winkels in overige voeding (rest) met 1.320 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is winkels in tabaksproducten met 10,6% de nadere vergelijking.

04

Wat veranderde er tussen januari 2020 en januari 2022?

Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4725 tussen januari 2020 en januari 2022. De uitkomst ging van 4,9% naar 5,8%. Over 2 jaar is het verschil +0,9 procentpunt, of gemiddeld +0,5 procentpunt per jaar. Bij winkels in overige voeding (rest) ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 13,9% naar 17%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg +200 bedrijven. De telling van bedrijven met vijf tot en met negen mensen verschoof tegelijkertijd met +10. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 5,7% naar 5,6%.

Kijk bij slijterijen naar een klant die tijdens het afleveren terugbelt en zet in je tweede gesprek juist een artikel dat retour komt centraal. In het eerste geval kan je eigen rol vooral uit inkopen, adviseren en overdragen bestaan. In het tweede breng je inkopen, adviseren en overdragen in kaart. Vraag bij winkels in tabaksproducten naar een voorbeeld met vergelijkbare taakverdeling voordat je concludeert dat de twee ondernemersrichtingen eenzelfde werkweek vragen.

Vragen voor het vervolg

  • Welke onderdelen van een verkoopdag neem je persoonlijk voor je rekening?
  • Welk cijfer voor SBI 4725 zou je zelf opnieuw willen berekenen?
  • Welke waarneming bij winkels in overige voeding (rest) is relevant voor jouw eigen plan?

Bronnen

BesteFranchise

Welke keuze verdient nader onderzoek?

Leg je vraag over slijterijen voor. Vermeld welke grootteklasse en welke werkdag je in gedachten hebt.