| Werkzame personen | Overig onderwijs (aantal) | Overig onderwijs (%) | Dienstverlening voor het onderwijs (aantal) | Dienstverlening voor het onderwijs (%) |
|---|---|---|---|---|
| 1 persoon | 130.305 | 93,4% | 3.055 | 91,7% |
| 2 personen | 6.320 | 4,5% | 150 | 4,5% |
| 3–4 personen | 1.480 | 1,1% | 40 | 1,2% |
| 5–9 personen | 765 | 0,5% | 25 | 0,8% |
| 10–19 personen | 325 | 0,2% | 20 | 0,6% |
| 20–49 personen | 215 | 0,2% | 15 | 0,5% |
| 50–99 personen | 65 | 0% | 10 | 0,3% |
| 100+ personen | 50 | 0% | 5 | 0,2% |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Kies een vergelijkbare eenheid voor twee verschillende aantallen
In overig onderwijs werkte bij 130.305 bedrijven één persoon. Bij dienstverlening voor het onderwijs zijn dat er 3.055. Omgerekend per honderd bedrijven verandert de vergelijking in 93,4 tegenover 91,7. Kijk vervolgens naar drie of vier werkzame personen. In de eerste branche ligt hun aandeel rond 1,1% en in de tweede rond 1,2%. De relatieve verdeling maakt een kleinere bedrijfstak vergelijkbaar, zonder hem in aantallen groter te laten lijken dan hij is. Gebruik in je aantekeningen zowel de aantallen als de percentages.
Heeft de keuze voor een peildatum veel invloed?
Een jaar eerder telde overig onderwijs 134.700 bedrijven en dienstverlening voor het onderwijs 3.370. De verandering in het totale aantal is respectievelijk +3,6% en -1,2%. Voor de categorie met vijf tot en met negen personen veranderden de groepen van 725 naar 765 en van 25 naar 25. Staar je daarom niet blind op het totaalcijfer als je juist een ploeg van die omvang zou willen aansturen. Vraag bij beide richtingen een concrete beschrijving van een drukke dag én van de nazorg voor een afgeronde les.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij overig onderwijs?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel bedrijven met vijf tot en met negen werkzame personen’. Hiervoor staan 2 activiteiten uit hoofdtak 85 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van overig onderwijs (0,5%), het hoogste voor dienstverlening voor het onderwijs (0,8%). Van de 1 vergelijkingsbranches komt geen onder 0,5%. Zelfs dienstverlening voor het onderwijs ligt met 0,8% op of boven het meetpunt voor overig onderwijs. Ook qua omvang ligt dienstverlening voor het onderwijs het dichtst bij overig onderwijs, met 3.330 tegenover 139.520 bedrijven. Daarmee vallen twee selectiecriteria hier samen.
Wat veranderde er tussen januari 2022 en januari 2024?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 855 tussen januari 2022 en januari 2024. De uitkomst ging van 0,6% naar 0,5%. Over 2 jaar is het verschil -0,1 procentpunt, of gemiddeld -0 procentpunt per jaar. Bij dienstverlening voor het onderwijs ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 1,2% naar 0,8%. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg +4.820 bedrijven. De telling van bedrijven met vijf tot en met negen mensen verschoof tegelijkertijd met +40. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 0,5% naar 0,5%.
Kijk bij overig onderwijs naar een les die een vervangende begeleider nodig heeft en zet in je tweede gesprek juist een deelnemer die later instroomt centraal. In het eerste geval kan je eigen rol vooral uit voorbereiden, begeleiden en evalueren bestaan. In het tweede breng je voorbereiden, begeleiden en evalueren in kaart. Vraag bij dienstverlening voor het onderwijs naar een voorbeeld met vergelijkbare taakverdeling voordat je concludeert dat de twee ondernemersrichtingen eenzelfde werkweek vragen.
Vragen voor het vervolg
- Welke onderdelen van een les of training neem je persoonlijk voor je rekening?
- Welk cijfer voor SBI 855 zou je zelf opnieuw willen berekenen?
- Welke waarneming bij dienstverlening voor het onderwijs is relevant voor jouw eigen plan?
Bronnen
Welke keuze verdient nader onderzoek?
Leg je vraag over overig onderwijs voor. Vermeld welke grootteklasse en welke werkdag je in gedachten hebt.
