BesteFranchise
Beslisboek 3 min lezen

Individuele zaalsport en sportvelden in cijfers vergelijken

Wie twee mogelijke ondernemersrichtingen naast elkaar legt, krijgt snel twee onvergelijkbare voorbeelden. Hier staan individuele zaalsport en sportvelden naast elkaar op dezelfde Nederlandse peildatum. De eerste branche telde op 1 oktober 2026 ongeveer 160 bedrijven, de tweede 120. Ze delen een hoofdtak, maar hebben verschillende SBI-codes. Vergelijk eerst de verdeling van het werk en leg pas daarna je eigen voorkeur voor een activiteit ernaast. Je kunt dan gerichter aangeven welke werkdag, bezetting en aanspreekbaarheid je zoekt.

Leeg spiraalnotitieboek met pen op een leren stoel
Beslisboek Kelly Sikkema · Unsplash
Twee verwante bedrijfsmodellen · SBI 93141 en 93113
Werkzame personenIndividuele zaalsport (aantal)Individuele zaalsport (%)Sportvelden (aantal)Sportvelden (%)
1 persoon13081,3%9579,2%
2 personen159,4%54,2%
3–4 personen106,3%54,2%
5–9 personen53,1%54,2%
10–19 personen00%00%
20–49 personen00%54,2%
50–99 personen00%00%
100+ personen00%00%

Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.

01

Kies een vergelijkbare eenheid voor twee verschillende aantallen

In individuele zaalsport werkte bij 130 bedrijven één persoon. Bij sportvelden zijn dat er 95. Omgerekend per honderd bedrijven verandert de vergelijking in 81,3 tegenover 79,2. Kijk vervolgens naar drie of vier werkzame personen. In de eerste branche ligt hun aandeel rond 6,3% en in de tweede rond 4,2%. De relatieve verdeling maakt een kleinere bedrijfstak vergelijkbaar, zonder hem in aantallen groter te laten lijken dan hij is. Gebruik in je aantekeningen zowel de aantallen als de percentages.

02

Heeft de keuze voor een peildatum veel invloed?

Een jaar eerder telde individuele zaalsport 155 bedrijven en sportvelden 120. De verandering in het totale aantal is respectievelijk +3,2% en 0%. Voor de categorie met vijf tot en met negen personen veranderden de groepen van 5 naar 5 en van 5 naar 5. Staar je daarom niet blind op het totaalcijfer als je juist een ploeg van die omvang zou willen aansturen. Vraag bij beide richtingen een concrete beschrijving van een drukke dag én van de nazorg voor een afgerond bezoek.

03

Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij individuele zaalsport?

De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel bedrijven met vijf tot en met negen werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 93 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van kracht- en vechtsport (0%), het hoogste voor zwembaden (16,3%). Bij 1 van de onderzochte activiteiten ligt de waarde lager dan 3,1% en bij 4 hoger. Met 4,2% komt sportvelden het meest in de buurt van individuele zaalsport. Ook qua omvang ligt sportvelden het dichtst bij individuele zaalsport, met 120 tegenover 160 bedrijven. Daarmee vallen twee selectiecriteria hier samen.

04

Wat veranderde er tussen januari 2022 en januari 2024?

Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 93141 tussen januari 2022 en januari 2024. De uitkomst ging van 2,9% naar 3,2%. Over 2 jaar is het verschil +0,3 procentpunt, of gemiddeld +0,1 procentpunt per jaar. Bij sportvelden ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 0% naar 4%. De telling van bedrijven met vijf tot en met negen mensen bleef tussen oktober 2025 en oktober 2026 afgerond op 5. Tegelijk ging het totaal van 155 naar 160. Een wijzigend aandeel kan dus ook uit de omvang van de overige groepen komen.

Kijk bij individuele zaalsport naar een activiteit waarvoor plotseling minder ruimte beschikbaar is en zet in je tweede gesprek juist een gewijzigd programma centraal. In het eerste geval kan je eigen rol vooral uit plannen, begeleiden en afsluiten bestaan. In het tweede breng je plannen, begeleiden en afsluiten in kaart. Vraag bij sportvelden naar een voorbeeld met vergelijkbare taakverdeling voordat je concludeert dat de twee ondernemersrichtingen eenzelfde werkweek vragen.

Vragen voor het vervolg

  • Welke onderdelen van een activiteit neem je persoonlijk voor je rekening?
  • Welk cijfer voor SBI 93141 zou je zelf opnieuw willen berekenen?
  • Welke waarneming bij sportvelden is relevant voor jouw eigen plan?

Bronnen

BesteFranchise

Welke keuze verdient nader onderzoek?

Leg je vraag over individuele zaalsport voor. Vermeld welke grootteklasse en welke werkdag je in gedachten hebt.