BesteFranchise
Beslisboek 3 min lezen

Dienstverlening voor landvervoer en tussenpersonen in vrachtvervoer in cijfers vergelijken

Wie twee mogelijke ondernemersrichtingen naast elkaar legt, krijgt snel twee onvergelijkbare voorbeelden. Hier staan dienstverlening voor landvervoer en tussenpersonen in vrachtvervoer naast elkaar op dezelfde Nederlandse peildatum. De eerste branche telde op 1 oktober 2026 ongeveer 6.325 bedrijven, de tweede 3.255. Ze delen een hoofdtak, maar hebben verschillende SBI-codes. Vergelijk eerst de verdeling van het werk en leg pas daarna je eigen voorkeur voor een rit of levering ernaast. Je kunt dan gerichter aangeven welke werkdag, bezetting en aanspreekbaarheid je zoekt.

Leeg spiraalnotitieboek met pen op een leren stoel
Beslisboek Kelly Sikkema · Unsplash
Twee verwante bedrijfsmodellen · SBI 5221 en 52291
Werkzame personenDienstverlening voor landvervoer (aantal)Dienstverlening voor landvervoer (%)Tussenpersonen in vrachtvervoer (aantal)Tussenpersonen in vrachtvervoer (%)
1 persoon5.49086,8%1.90058,4%
2 personen4657,4%3109,5%
3–4 personen1602,5%2256,9%
5–9 personen851,3%2758,4%
10–19 personen550,9%2256,9%
20–49 personen400,6%1805,5%
50–99 personen150,2%601,8%
100+ personen100,2%802,5%

Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.

01

Kies een vergelijkbare eenheid voor twee verschillende aantallen

In dienstverlening voor landvervoer werkte bij 5.490 bedrijven één persoon. Bij tussenpersonen in vrachtvervoer zijn dat er 1.900. Omgerekend per honderd bedrijven verandert de vergelijking in 86,8 tegenover 58,4. Kijk vervolgens naar drie of vier werkzame personen. In de eerste branche ligt hun aandeel rond 2,5% en in de tweede rond 6,9%. De relatieve verdeling maakt een kleinere bedrijfstak vergelijkbaar, zonder hem in aantallen groter te laten lijken dan hij is. Gebruik in je aantekeningen zowel de aantallen als de percentages.

02

Heeft de keuze voor een peildatum veel invloed?

Een jaar eerder telde dienstverlening voor landvervoer 6.275 bedrijven en tussenpersonen in vrachtvervoer 3.045. De verandering in het totale aantal is respectievelijk +0,8% en +6,9%. Voor de categorie met vijf tot en met negen personen veranderden de groepen van 90 naar 85 en van 280 naar 275. Staar je daarom niet blind op het totaalcijfer als je juist een ploeg van die omvang zou willen aansturen. Vraag bij beide richtingen een concrete beschrijving van een drukke dag én van de nazorg voor een afgeronde levering.

03

Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij dienstverlening voor landvervoer?

De vergelijking draait om de maatstaf ‘aandeel bedrijven met vijf tot en met negen werkzame personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 52 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van dienstverlening voor landvervoer (1,3%), het hoogste voor tussenpersonen in vrachtvervoer (8,4%). Van de 5 vergelijkingsbranches komt geen onder 1,3%. Zelfs dienstverlening voor de scheepvaart ligt met 1,5% op of boven het meetpunt voor dienstverlening voor landvervoer. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij tussenpersonen in vrachtvervoer met 3.255 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is dienstverlening voor de scheepvaart met 1,5% de nadere vergelijking.

04

Wat veranderde er tussen januari 2020 en januari 2022?

Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 5221 tussen januari 2020 en januari 2022. De uitkomst ging van 2,8% naar 2,1%. Over 2 jaar is het verschil -0,7 procentpunt, of gemiddeld -0,3 procentpunt per jaar. Bij tussenpersonen in vrachtvervoer ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 10,9% naar 10,7%. De subgroep en het totaal bewogen tussen oktober 2025 en oktober 2026 in tegengestelde richting. In de subgroep gaat het om -5 en in de complete CBS-categorie om +50 bedrijven.

Kijk bij dienstverlening voor landvervoer naar een ploeg die bij het laadpunt moet wachten en zet in je tweede gesprek juist een afleveradres waar niemand opendoet centraal. In het eerste geval kan je eigen rol vooral uit plannen, overdragen en aftekenen bestaan. In het tweede breng je plannen, overdragen en aftekenen in kaart. Vraag bij dienstverlening voor de scheepvaart naar een voorbeeld met vergelijkbare taakverdeling voordat je concludeert dat de twee ondernemersrichtingen eenzelfde werkweek vragen.

Vragen voor het vervolg

  • Welke onderdelen van een rit of levering neem je persoonlijk voor je rekening?
  • Welk cijfer voor SBI 5221 zou je zelf opnieuw willen berekenen?
  • Welke waarneming bij tussenpersonen in vrachtvervoer is relevant voor jouw eigen plan?

Bronnen

BesteFranchise

Welke keuze verdient nader onderzoek?

Leg je vraag over dienstverlening voor landvervoer voor. Vermeld welke grootteklasse en welke werkdag je in gedachten hebt.